Zit jouw onderneming vast aan het olifantentouw?

RSS
Follow by Email
Facebook
LinkedIn

Al ruim 30 jaar runt Herman een bakkerij in een buitenwijk van Rotterdam. Ondanks dat zijn winkel enigszins verstopt zit in een klein zijstraatje weet de halve stad hem blindelings te vinden. De bakkerij staat bekend om zijn zelfgemaakte blueberry muffins. Ongeëvenaard lekker! Geen andere bakkerij in Rotterdam komt ook maar in de buurt van de goddelijk smaak van de zoetgebakken muffins. Met enige jaloezie ziet de lokale concurrentie toe hoe de bakkerij klanten aantrekt uit alle windstreken. De Rotterdamse bakkerij is inmiddels ook ver buiten de stad een bekend fenomeen, mensen rijden zelfs speciaal op en neer naar Rotterdam om de muffins te kopen.

Het geheime recept heeft Herman destijds geërfd van zijn vader, die in 1956 de bakkerij opende. Herman heeft het recept nooit durven aanpassen, omdat de muffins vanaf dag 1 als warme broodjes over de toonbank gingen. Sterker nog, Herman heeft zelfs nooit andere muffins durven toevoegen aan het assortiment. Hij is doodsbang om zijn populaire muffin kwaad te doen.

Inmiddels werkt Hermans dochter Koosje in de bakkerij, een creatieve tante vol met eigen ideeën. Al vroeg wist Koosje dat ze later in de bakkerij wilde werken, dus volgde ze een opleiding tot banketbakker. Als kind stond ze elk weekend in de winkel, dus weet maar al te goed dat de bakkerij haar succes te danken heeft aan de blueberry muffins. Ondanks het grote succes heeft Koosje moeite om vrede te hebben met de status quo. Ze wil graag het assortiment vernieuwen, de winkel anders inrichten en zou het liefst nieuwe locaties openen. Ze weet echter dat haar vader niet open staat voor verandering. De afgelopen 30 jaar heeft de bakkerij zich ontwikkeld tot een succesvol familiebedrijf zonder grote veranderingen te hoeven doen.

Herman heeft duidelijk een risicomijdende houding, terwijl Koosje met haar ondernemende karakter juist het avontuur opzoekt. Met een dominante houding probeert Herman zijn dochter op andere gedachten te krijgen, maar het bloed stroomt uiteindelijk toch waar het niet gaan kan. Koosje begint de laatste weken recalcitrant gedrag te vertonen ten koste van de goede sfeer in de bakkerij. Ze laat continu weten het niet eens te zijn met het beleid, zowel in woord als in lichaamstaal.

Herman bespreekt zijn frustraties met zijn beste vriend Jan. Hij vertelt hem gedetailleerd over de problemen die hij heeft met zijn dochter. “Ik wil haar natuurlijk met alle plezier tegemoet komen in haar ambities, maar moet tegelijkertijd ook waken over het familiebedrijf. Ik kan haar toch niet ineens carte blanche geven? Waarom zouden we nu überhaupt halsoverkop veranderingen aan gaan brengen? Het gaat toch goed zoals het nu gaat?“.

Na Hermans relaas begint Jan een verhaal te vertellen over zijn vakantie in Thailand. Op een olifantenboerderij zag hij destijds een aantal enorme olifanten staan aan een heel dun touw. Hij kon maar niet bevatten dat die reusachtige olifanten het touw niet konden breken, dus liep hij naar één van de werknemers voor een verklaring. Die vertelde hem dat de olifanten tijdens hun jeugdjaren al vastgeketend zaten aan hetzelfde touw, dat voor een babyolifant niet te breken is. Omdat ze destijds het gevoel kregen niet te kunnen ontsnappen zijn ze nu geconditioneerd. Oftewel, nu ze groot en sterk zijn denken ze nog altijd dat ze het touw niet kunnen breken, dus ondernemen simpelweg geen enkele ontsnappingspoging meer.

Wat heeft dit verhaal met mij te maken?” reageert Herman verbaasd. “Kijk Herman, jouw vader heeft destijds de blueberry muffin bedacht en heeft jou hier dagelijks vol trots over verteld. Door zijn verhalen ben je heilig in zijn muffins gaan geloven en hebt daardoor misschien zelf minder nagedacht over alternatieven en aanvullingen. Eigenlijk ben je stiekem zelf ook onbewust geconditioneerd door je vader, zoals de olifant met het touw aan zijn poten“.

Enigszins geschrokken reageert Herman “Allemachtig, je hebt helemaal gelijk. Ik heb nooit verder gekeken dan mijn neus lang is. En nu probeer ik mijn eigen dochter aan een touw te leggen, terwijl ik als vader juist zou moeten willen dat ze denkt in kansen in plaats van risico’s. Met haar kwaliteiten is ze vast in staat om het familiebedrijf nog veel verder te brengen. Stiekem heb ik er alle vertrouwen in dat mijn dochter de capaciteiten heeft om haar dromen te verwezenlijken. Het is vooral mijn eigen angst die zorgt voor mijn conservatieve gedrag. Gelukkig is het nooit te laat voor verandering.

Die avond roept Herman zijn dochter bij zich en promoveert haar tot directeur. Twee maanden later opent Koosje een nieuwe locatie in Delft. Nu – zo’n 3 jaar later – geeft Koosje leiding aan 30 medewerkers verdeeld over 5 modern ingerichte winkels verspreid over heel Zuid-Holland. Het assortiment is uitgebreid met Cranberry-, Orange –, Cinnamon-, Pumpkin/Chocolate- en Cheddar Cheese Muffins. En belangrijker nog, iedere medewerker krijgt de vrijheid om zijn of haar eigen ideeën vorm te geven, zodat iedereen een bijdrage levert aan de doorontwikkeling van het familiebedrijf.

Tal van ondernemingen zitten vast aan het spreekwoordelijke olifantentouw. De afgelopen maanden zijn een groot aantal bekende winkelketens ten onder gegaan, omdat ze niet mee zijn gegaan met de veranderende markt. Elke onderneming moet continue veranderen, ook als dit in eerste instantie niet nodig lijkt. Al zijn de producten en/of diensten nog zo goed, het gevaar ligt continu op de loer. De opkomst van exponentiële ondernemingen – zoals Uber en Airbnb – zetten het speelveld op zijn kop. Nieuwe technologie zorgt voor nieuwe toetreders, – markten, – kanalen en – verdienmodellen. De grote, logge ondernemingen hebben mijns inziens momenteel grote moeite een antwoord te vinden op deze trend. Ze zien zelf wel in dat ze aan een olifantentouw zitten, maar hebben nog geen manier gevonden om zichzelf te bevrijden. Positief is het feit dat kleine, autonome ondernemingen ontstaan vanuit de grote ondernemingen , maar is dit voldoende?

Continue verandering is mijns inziens de sleutel tot succes. Stilstand is achteruitgang.  Ook al loopt je product nog zo goed, het is noodzaak continu kritisch te blijven en te blijven verbeteren. Anders komt er mogelijk een keer een tijd dat de concurrentie je verrast. Net als dat er vast ooit een keer een bakker komt met een onweerstaanbare glazed strawberry muffin, die Hermans blueberry muffin doet vergeten. Gelukkig voor hem heeft hij zich hier al op voorbereid.

Wouter Volkeri